Tolhuiswal

 

 

 

 

maart 2010

 

DE STEENPUIST IN  HET STADSGEZICHT

Het begint met een onschuldig rood plekje en je denkt er niets van. Maar dan is er ineens die rode pijnlijke puist. Mensen kijken je geschokt aan en vragen “wat heb jij daar?”. Zo is het ook met sommige bouwplannen. Als wij niet oppassen is er straks een nieuwe steenpuist in het historisch stadsgezicht van Tiel. Op de meest gevoelige plaats denkbaar, bij de stadsmuur in het Waalfront. Oppassen dus!

 

B.en W. van Tiel moeten beslissen over drie sloopvergunningen. Het gaat om de bungalow op de restanten van de voormalige Gasthuismolen, een winkelhuis aan de Tolhuisstraat 11 en een bedrijfspand en woning aan de Molenhoek 3. Over dat laatste gebouw hoeft niemand verdriet te hebben, een pand zonder waarde met als enige verdienste dat het zich verstopt achter de stadsmuur. Dat ligt anders met Tolhuisstraat 11, dat heeft cultuurhistorische waarde. Waar het om gaat is dat beide grondstukken aan elkaar grenzen. Het slopen van de gebouwen levert dus een stuk bouwgrond op, recht achter de stadsmuur. Het is daarna afwachten tot er een bouwvergunning wordt aangevraagd. Dat geldt natuurlijk ook voor de vraag wat er dan terug komt op de plaats van de bungalow op de Gasthuismolen.

 

Hoogbouw in gemeentelijke plannen

In alle gemeentelijke plannen, te beginnen met de hoogbouwvisie staat de Molenhoek/Tolhuisstraat aangemerkt als een plaats waar gebouwd mag worden, de hoogte in. Dat betekent dus dat er gedacht wordt aan een flat met appartementen met uitzicht over de Waal. Dat levert geld op voor de projectontwikkelaar, hoe hoger hoe meer. Maar wordt de stad er mooier van? Dat is zeer de vraag, even verderop is naast het streekmuseum een rij appartementen verrezen die de schoonheidsprijs niet verdienen. De stadsmuur, met het rondeel waar vroeger ooit de kanonnen stonden, zijn met de stadsgracht de restanten van het Tielse verleden als vestingstad. Ooit stond het op de nominatie om aangemerkt te worden als beschermd stadsgezicht maar dat heeft het gemeentebestuur weten te verijdelen. Nieuw beton is beter dan ouwe meuk, om het eens op z’n Tiels te zeggen. Er zijn steden die hun historische identiteit koesteren. Maar goed, als je nu vaak genoeg op een stuk papier zegt dat het een hoogbouwlocatie is en alle inspraak terzijde legt, is het de waarheid. Toch? Het is bovendien een oude truc om te komen met een mooi schetsontwerp dat dan omwille van de economische haalbaarheid wordt uitgekleed tot een schim van het oorspronkelijke idee.

 

Het kasteel van de hertog

Tiel was ooit het Rotterdam van de middeleeuwen. Haven en handelsstad en dus een aantrekkelijk bezit en een militair steunpunt voor de hertog van Gelderland. Die moest de stad wel een eigen bestuur gunnen maar hij was niet gek. In de stadspoorten woonden dienaren van de hertog en hij had aan de Waalzijde een stadskasteel. Met een eigen toegangspoort zodat zijn soldaten de stad vrij konden betreden. De restanten van de toegangspoort van dat stadskasteel zijn nog te zien in het rondeel.

Uit het archief van de Tielse schepenbanken blijkt, dat het huis Tolhuisstraat 11 - waarvoor de sloopvergunning ter visie ligt - kort na 1500 door hertog Karel gebouwd werd voor zijn Tielse stadhouder. Na de dood van hertog werd het huis door het stadsbestuur in beslag genomen waarna het in particuliere handen kwam en het stadskasteel werd gesloopt. Toen het door keizer Karel V ingestelde Hof van Gelre het in 1563 wilde terugvorderen, werd er van het Tolhuisgebied een tekening gemaakt. Op die fraaie tekening, voor het eerst  afgedrukt door Rink ( 1836)in zijn “Beschrijving der stad Tiel”? is ook dit pand aan de Tolhuisstraat  te zien. Van geen ander Tiels pand bestaat een zo vroege tekening. De eerstvolgende tekening, waarop Tielse panden in vogelvlucht zijn getekend is de stadskaart van Bleau, die van 1650 dateert.

Aan de hand van de schepensignaten is de bewoningsgeschiedenis van het pand te traceren en dan blijkt dat er behalve kooplieden ook vooraanstaande stadsbestuurders woonden. Aan de hand van de oude kohieren, die schommelingen in de marktwaarde van een pand vastleggen, is ook na te gaan dat het pand enkele malen ingrijpend werd verbouwd. Uit in het stadsarchief aanwezige tekeningen uit de 19e eeuw blijkt dat het pand een gewelfde kelder heeft, mogelijk de resten van het kasteel.

Het gaat hier om een van de oudste beeldbepalende panden in de Tielse binnenstad, waarin, hoe dan ook nog talrijke laatmiddeleeuwse elementen aanwezig zijn. Een beschrijving van het pand komt in een boek, dat een bouwhistoricus nog dit jaar wil voltooien.

 

Sloop of steenpuist

De sloop van de gebouwen aan de Molenhoek en de Tolhuisstraat, vindt dus plaats in een historisch waardevol gebied. Uit de sloopvergunning blijkt dat de gemeente voorwaarden stelt om verstoring van het bodemarchief te voorkomen. Maar geldt dat straks ook voor de bouwvergunning die onherroepelijk eens wordt aangevraagd? Komt er archeologisch onderzoek of gewoon een dikke laag beton met als rechtvaardiging dat daardoor archeologisch onderzoek overbodig is? Wat gebeurt er als er toch de kelders van het stadskasteel aanwezig zijn? Is het werkelijk onmogelijk dit historierijke pand te behouden? Zit Tiel te wachten op een steenpuist in het historisch stadsgezicht?

 

Arnoud Reijnen

Voorzitter van Waardevol Tiel