Bestemmingsplan Binnenstad.

 

 

2 stukken
     1. Bestemmingsplan  Binnenstad Tiel Beroepschrift Raad van State dd 15 juli 2009.
     2. Bestemmingsplan  Binnenstad Tiel deel Schorsingsverzoek Raad van State Pleitnota dd september 2009.

1. Bestemmingsplan  Binnenstad Tiel Beroepschrift Raad van State dd 15 juli 2009.

Raad van State

Postbus 20019

2500 EA Den Haag.

15 juli 2009

Betreft: besluit GS Gelderland d.d. 27 mei 2009, nr. 2008-0185 32 – bestemmingsplan binnenstad Tiel

Geven met eerbied te kennen:

De Vereniging Oudheidkamer Tiel en omstreken gevestigd te Tiel

en

de Vereniging Waardevol Tiel, werkgroep voor cultuurhistorie en leefomgeving, voorheen Milieuwerkgroep Tiel, gevestigd te Tiel hierna, gezamenlijk ook te noemen: "appellanten",

dat zij beroep instellen tegen het bovengenoemde besluit van het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland (hierna "GS") tot goedkeuring van het bestemmingsplan binnenstad Tiel

omdat

GS is voorbijgegaan aan de tijdig ingebrachte bedenkingen tegen het plan zonder (voldoende) motivering.

In het algemeen:

De bezwaren van de appellanten zijn weergegeven in de bedenkingen (bijlage 1) en dienen als hier ingelast te worden beschouwd.

Het besluit is door de onzorgvuldig oppervlakkige behandeling van de zienswijzen van appellanten niet dan wel onvoldoende gemotiveerd:

Het besluit van GS lijkt op het resultaat van een marginale toetsing.

Ofwel GS heeft de zienswijze behandeld onder de nieuwe wet Ruimtelijke Ordening. In dat geval zou een marginale toetsing terecht zijn geweest, maar dan zou juist de toetsing geresulteerd moeten hebben in de uitspraak dat de gemeente Tiel niet tot de hier aangevochten onderdelen van het bestemmingsplan had kunnen besluiten gelet op het uitdrukkelijke provinciale beleid op het gebied van de bescherming van erfgoed.

Deze procedure valt echter nog onder de oude WRO zodat marginale toetsing procedureel fout is en heeft geleid tot een ondeugdelijk besluit.

In het geval GS dit besluit wel onder de oude WRO heeft behandeld ontbreekt een inhoudelijke toetsing van het plan en de ingediende bezwaren ertegen en is het besluit niet respectievelijk onvoldoende gemotiveerd.

In elk geval zijn dit redenen om het besluit te vernietigen.

GS heeft in zijn hier aangevochten besluit niet zijn eigen beleid gevolgd waardoor het vertrouwensbeginsel is geschonden. Appellanten zijn in hun belangen geschaad aangezien zij erop mochten vertrouwen dat de provincie haar eigen provinciaal beleid t.a.v. de bescherming van het erfgoed zou uitvoeren in de door de provincie met name genoemde stad Tiel. Zie blz 5 van Provinciaal Beleidskader Archeologie 2009 - 2012:

"Conform de gedragslijn Wro, uitgesproken door Provinciale Staten in februari 2007, stelt Gelderland zich terughoudend op als het gaat om archeologisch waardevolle gebieden binnen de bebouwde kom van gemeenten. Dit is in principe het domein van de gemeenten. Dit met uitzondering van de historische kernen van Nijmegen, Arnhem, Zutphen, Doesburg, Tiel, Harderwijk. Deze zijn van hoge archeologische waarde, soms zelfs van nationaal belang. Gelderland brengt in lijn met de huidige praktijk haar expertise en provinciaal belang in deze historische kernen in en tracht op basis van programmatische samenwerking tot een optimale bescherming en/of inpassing van archeologische waarden te komen." …

"Indien Gelderland constateert dat – ondanks de ingezette samenwerking en planadvisering - provinciale archeologische waarden in de parelgebieden onherstelbaar aangetast of voorgoed verloren dreigen te gaan, dient zij volgens de Wro een zienswijze in en geeft in het uiterste geval een reactieve aanwijzing. Hiertoe neemt de provincie de eventuele toepassing van deze instrumenten voor archeologie op in de Wro-agenda."…

Indien zij constateert dat de provinciale archeologische waarden in de parelgebieden structureel niet geborgd worden en daarmee onherstelbaar aangetast of voorgoed verloren dreigen te gaan, overweegt zij deze gebieden of delen daarvan aan te wijzen als attentiegebieden op grond van de Monumentenwet. In dat geval dienen de betreffende gemeenten binnen een door de provincie vast te stellen termijn de bestaande en nieuwe bestemmingsplannen voor dat gebied archeologieproof te maken en het provinciaal belang daarin op te nemen."

Daarmee heeft GS goedkeuring gehecht aan het aangevochten gemeentelijke besluit waarmee de gemeente in de bepalingen van het bestemmingsplan ingaat tegen haar eigen in woord zeer positieve beleid t.a.v. het erfgoed en tegen het provinciale beleid.

In het bijzonder is GS ten onrechte niet ingegaan op de ontvankelijkheid van de aangevulde zienswijze d.d. 1 augustus 2008. Appellanten handhaven hun zienswijzen en bezwaren ook op dit punt.

Ten onrechte is niet (voldoende) gemotiveerd ingegaan op de bezwaren betreffende:

Perceelgrens > 100m˛ voor archeologisch onderzoek

Hoogbouwvisie en Masterplan Waalfront

het ontbreken van de bescherming van gevelparcellering en stratenplan.

Ad 1 Perceelgrens > 100m˛ voor archeologisch onderzoek

Het besluit van GS tot het ongegrond verklaren van deze zienswijze is onvoldoende gemotiveerd. Waar een instrument voorhanden is om gemeentelijk beleid duidelijk te maken kan niet worden volstaan met het vertrouwen dat de gemeente mogelijk een rapport van een aanvrager zal eisen waaruit moet blijken dat er geen archeologische waarden zijn in het perceel waarvoor een vergunning wordt aangevraagd.

De praktijk van faits accomplis, waarbij achteraf "betreurd wordt" dat e.e.a niet is goed gegaan geeft geen aanleiding tot dat vertrouwen.

De provincie Gelderland zelf adviseert gemeenten om bij vergunningaanvragen waarbij AMK-terreinen betrokken zijn niet automatisch de wettelijke ondergrens van 100m2 te hanteren voor archeologisch (voor)onderzoek (zie ook onder kopje Gemeentelijke vergunningen). Gelderland pleit hier voor maatwerk, dus per situatie de afweging te maken hoe het best met de aanwezige archeologische waarden omgegaan kan worden. Een verstoring van 100m2 kan voor deze vindplaatsen namelijk een groot verlies van informatie en verstoring van archeologische waarden betekenen. Dit advies geldt voor alle AMK-terreinen, dus niet alleen voor de terreinen gelegen in de parelgebieden. Voor deze laatste gebieden wil Gelderland deze werkwijze graag opnemen in het pakket programma-afspraken met de gemeenten."

GS´ beleid, adviezen en formele voornemens op het gebied van erfgoed wekken het vertrouwen dat zulk beleid ook wordt uitgevoerd door het (gedeeltelijke) onthouden van goedkeuring aan daarmee strijdige of onvoldoende duidelijke bepalingen in bestemmingsplannen.

Een van de problemen die ontstaan bij archeologisch onderzoek is het onverwachte aspect ervan dat tijd- en geldverlies oplevert. Indien het alle betrokken partijen tijdig duidelijk is dat archeologisch onderzoek mogelijk vereist is, kan daarmee eveneens tijdig rekening worden gehouden.

In veel andere gemeenten met eveneens een hoge archeologische waarde wordt voor iedereen duidelijk beleid gevoerd. Zie bijv. gemeenten als Amersfoort en Doesburg, waar een aanlegvergunning vereist is voor bouwen en zelfs grondige tuinaanpak, omdat men op archeologische vondsten kan stuiten. Het gaat om werkzaamheden waarbij dieper dan 30 centimeter de grond in wordt gegaan bij een oppervlakte van meer dan 10 vierkante meter. Amersfoort heeft dit vastgelegd in een gemeentelijke verordening en de gemeente Doesburg in haar bestemmingsplan.

Ad 2 Hoogbouwvisie en Masterplan Waalfront

Ten onrechte gaat GS niet in op het bezwaar dat rechtskracht ontbreekt aan de zgn. Hoogbouwvisie en Masterplan Waalfront van de gemeente Tiel. Deze zijn tot een uitgangspunt gemaakt voor het bestemmingsplan zonder dat daartegen formeel bezwaar mogelijk is geweest. Op deze wijze wordt de basis van desbetreffende bepalingen van het bestemmingsplan aan de mogelijkheid van bezwaar onttrokken.

Ad 3 het ontbreken van de bescherming van gevelparcellering en stratenplan.

Het vertrouwen van GS in ingrijpen van het college van B&W met repressief toezicht is in de praktijk loos gebleken. Juist B&W besloten de stratenplan aan te tasten op eenvoudig verzoek van projectontwikkelaars. Dit betekent dat het bestemmingsplan het stratenplan onvoldoende beschermt. De gevelparcellering kan zonder bijkomende kosten in de uitvoering van projecten worden beschermd.

Redenen waarom appellanten Uw afdeling verzoeken het besluit van GS te vernietigen en te besluiten conform het provinciaal beleid.

Vereniging Oudheidkamer Tiel en omstreken

 

 

2. Bestemmingsplan  Binnenstad Tiel deel Schorsingsverzoek Raad van State Pleitnota dd september 2009.

PLEITNOTA

Raad van State

Betreft: 200905155/1/R2 ‘Bestemmingsplan binnenstad Tiel 2008’

September 2009

de Vereniging Oudheidkamer Tiel en omstreken gevestigd te Tiel

en

de Vereniging Waardevol Tiel, werkgroep voor cultuurhistorie en leefomgeving, voorheen Milieuwerkgroep Tiel, gevestigd te Tiel hierna, gezamenlijk ook te noemen: "appellanten".

Dit schorsingsverzoek dient om uitvoering van gemeentelijke plannen te voorkomen voordat ten principale is beslist op het door ons daartegen ingestelde beroep.

Appellanten hebben belang bij een voorlopige voorziening om voortgang van de bestreden gemeentelijke plannen behoorlijk getoetst te laten worden voordat het te laat is.

Zonder voorlopige voorziening kan de gemeente onherstelbare schade aanrichten aan de waarden die de gemeente zelf in haar plantoelichting benoemt en die volgens provinciaal Gelders beleid beschermd dienen te worden.

Onze bezwaren zijn in de door ons ingediende stukken uitgewerkt en dienen hier voor zoveel nodig en nuttig als ingelast beschouwd te worden.

Ons algemene bezwaar is dat de gemeente in de voorschriften van het bestemmingsplan de eigen uitgangspunten passeert en aantasting van de zelf benoemde grote archeologische erfgoedwaarden toelaat.

De provincie heeft vervolgens in de beoordeling van het plan en onze bedenkingen daartegen nagelaten haar eigen beleid toe te passen.

Schorsing is vooral nodig t.a.v. de volgende onderdelen van het plan.

Art. 21,2 van de planvoorschriften: 100M˛ GRENS PERCEELGROOTTE

Indien het plan van kracht wordt kan op percelen van minder dan 100m˛ in de oude binnenstad de grond worden verstoord zonder archeologisch onderzoek. Dit is in afwijking van hetgeen in vele andere gemeenten met een met Tiel vergelijkbare oude historie. Daar is de 100 m˛ grens verlaagd tot bijvoorbeeld 30 m˛ (bijv. Doesburg, Zutphen, Barneveld).

De gemeente Tiel zegt zelf in haar Plantoelichting op pag. 55: "Nagenoeg de gehele binnenstad betreft een archeologisch waardevol gebied. Dit houdt in dat bij nieuwe ontwikkelingen een verkennend archeologisch onderzoek moet worden uitgevoerd.".

Het Ontwerp-plan van de provincie Gelderland voor een Provinciaal Beleidskader Archeologie, Interim-kader 2009 - 2012 zegt o.a. het volgende:

Gemeentelijke vergunningen t.a.v. zgn parels

De Monumentenwet legt de bevoegdheid tot het stellen van eisen aan sloop-, aanleg- en bouwvergunningen bij de gemeenten. Voor bouw - en aanlegvergunningen kleiner dan 100m2 hoeft volgens de Monumentenwet geen archeologisch onderzoek te worden overwogen, tenzij de gemeenteraad andere grenzen - ruimer of strenger - vaststelt.

Omdat de hogere sectorale wetgeving de bevoegdheid voor het afwijken van de wettelijke standaardondergrens van 100m2 uitdrukkelijk bij de gemeenten heeft gelegd, treedt Gelderland hier niet in, ook niet voor de parelgebieden. Wel wil Gelderland in het overleg rond ontwerp-bestemmingsplannen die (deels) in parelgebieden vallen haar provinciale belangen en adviezen inbrengen. Waar ze daar aanleiding toe ziet, zal ze het hanteren van strengere ondergrenzen dan 100m2 (in specifieke situaties en deelgebieden) inbrengen bij de onderhandelingen over het sluiten van pakketafspraken met de gemeenten voor de parelgebieden.

Tot de parelgebieden verklaart de province Gelderland o.a.het Rivierenland 8 Tiel-Geldermalsen-Neerijnen:

Nergens blijkt dat de provincie haar beleid in het kader van het onderhavige bestemmingsplan heeft uitgevoerd.

Voorbeeld: De Provincie Utrecht heeft een Vrijstellingsregeling gemaakt die o.a. bepaalt dat plangebieden kleiner dan 100 m2 zijn vrijgesteld van de verplichting tot archeologisch onderzoek tenzij het bestaan van archeologische resten al zijn vastgesteld of daar al concrete aanwijzingen voor zijn.

Gelet op de uitgangspunten van zowel provincie Gelderland als gemeente Tiel is niet begrijpelijk waarom uitgerekend in de oude binnenstad van Tiel een dergelijke regeling ontbreekt. Het tegenargument dat de gemeente juist omgekeerd zich het recht voorbehoudt om achteraf onderzoek te kunnen eisen in deze gebieden snijdt geen hout, omdat het bestemmingsplan in zijn hoofdregel juist een onbeperkte vrijstelling bevat. Dit gaat voorbij aan de strekking van de wet.

HOOGBOUW

De gemeente staat in de oude binnenstad hoogbouw tot 25 meter toe; dit is gelijk aan de goothoogte van het middenschip van de Maartenskerk.
De Welstandscommissie is op 14 mei 2009 in vooroverleg hierover geconsulteerd door de gemeente en de kritiek was niet mild.

De gemeente gaat zo in tegen haar eigen uitgangspunten en verloochent haar eigen uitdrukkelijke waarden op ’t gebied van erfgoed (Zie Plantoelichting pag. 55: "Nagenoeg de gehele binnenstad betreft een archeologisch waardevol gebied. Dit houdt in dat bij nieuwe ontwikkelingen een verkennend archeologisch onderzoek moet worden uitgevoerd.")

Zie het Slokker Magazine van april 2008 (Een uitgave van de Slokkergroep april 2008, nummer 144):

Tiel - Donderdag 28 februari (nl. 2008.mm) is de overeenkomst getekend voor vijftig appartementen op het Bleekveld te Tiel. Rick Laurens Janse, directeur Slokker Vastgoed vestiging ’s-Hertogenbosch, en Willem Gradisen, wethouder van ruimtelijke ordening, zetten de handtekeningen voor de eerste stap van de ontwikkeling van het cultuur- en woongebied Westluidense Poort, dat deel uitmaakt van het Masterplan Waalfront.

Als eerste aanzet voor deze ontwikkeling realiseert Slokker Vastgoed vijftig appartementen in de vrije sector met een parkeergarage die bestemd is voor de bewoners. De appartementen, die aan de achterkant van de Sint Maartenskerk, langs de gracht en aan het eigenlijke Bleekveld komen te staan, hebben een vloeroppervlak van 100 tot 120 m˛. Ze worden verdeeld over vier vrijstaande blokken, waardoor op het maaiveld meer ruimte overblijft voor groen.

De ontwerpers, Op ten Noort Blijdensteijn Architecten BV te Utrecht, hebben zich gebogen over het ontwerp. Hoogte en vormgeving van de woongebouwen zijn afgestemd op het schip van de kerk. Naar verwachting gaan de appartementen dit jaar nog in de verkoop.

De credietcrisis heeft hier een positief bij-effect: de plannen van de projectontwikkelaar staan in de koeling en zo ontstond enig uitstel.

 

STRATENPLAN

Niet voldoende is afgedekt dat de onderdoorgang van de Agnientestraat naar de Korenmarkt in stand blijft, gelet op de plannen om deze af te sluiten dan wel te doen overspannen.

Zie Plantoelichting pag. 55 "Ook zijn steegjes en onderdoorgangen aangegeven op de kaart, waardoor het typerende bebouwingsbeeld behouden blijft".

Redenen waarom appellanten verzoeken het plan te schorsen tenminste voor zoveel betreft de aangegeven onderdelen.